Shavuot

Shavuot wordt ook wel Wekenfeest genoemd. Dit feest vormt het slotfeest en tevens het hoogtepunt van de voorjaarsfeesten.

Shemot (Ex.) 19-24.
De HEERE zei tegen hem: Ga, daal af, en daarna moet u naar boven klimmen, u met Aäron bij u, maar laat de priesters en het volk niet doordringen om naar de HEERE op te klimmen, anders zal Zijn toorn over hen losbarsten.

Dit Wekenfeest is het feest dat God in gedachten had, toen Hij aan Mozes vertelde dat de Farao het volk moest laten gaan, om voor God in de woestijn een feest te houden.

Shemot (Ex.) 5:1,10:9.
Daarna kwamen Mozes en Aäron en zeiden tegen de farao: Zo zegt de HEERE, de God van Israël: Laat Mijn volk gaan om voor Mij een feest te vieren in de woestijn.

Shemot (Ex.) 10:9
En Mozes zei: Wij zullen met onze jongeren en ouderen gaan. Met onze zonen en dochters, met ons kleinvee en onze runderen zullen wij gaan, want wij hebben een feest voor de HEERE.

Na de uittocht uit Egypte kregen de joden hun identiteit met het Wekenfeest, met de Thora bij de berg Sinaï. Dankzij dit verbond heeft het volk eeuwenlang zijn identiteit weten te behouden, zelfs onder verdrukking en zonder het beloofde land. Bij de Sinaï kreeg het volk als het ware een hart mee. Zoals Pesach en Shavuot bij elkaar horen, zo horen ook de joodse nationaliteit en identiteit bij elkaar.

Als men het Pascha en Ongezuurde Broden als een feest ziet, dan is het tweede van de Israëlische feesten Shavuot. Het woord Shavuot betekent “tel vijftig”, maar tel vijftig vanaf wat? Wat is het uitgangspunt van deze “telling tot vijftig”? Het antwoord ligt in de wisselwerking tussen Leviticus 23 en Jozua 5.

Vayikra (Lev.) 23:10-11
Spreek tot de Israëlieten, en zeg tegen hen: Wanneer u in het land komt dat Ik u geven zal, en u de oogst ervan binnenhaalt, dan moet u de eerste schoof van uw oogst naar de priester brengen. Hij moet de schoof voor het aangezicht van de HEERE bewegen, opdat Hij een welgevallen in u vindt. Op de dag na de sabbat moet de priester de schoof bewegen.

 

Vers 10 zegt ons dat wanneer het volk Israël in het land Israël woont, zij verplicht zijn de eerste schoof van de eerste vruchten van hun gerst oogst (een zogenaamde ‘Omer’) naar het priesterschap te brengen. Het priesterschap beweegt dan deze Omer (beweegoffer) voor JHWH op de dag na de wekelijkse sabbat

Vervolgens vertelt vers 14 ons dat het niet toegestaan is om iets van de opbrengst van het land te eten voordat we dit Omer aan JHWH hebben gebracht.

Vayikra (Lev.) 23:14
U mag geen brood, geroosterd graan en vers graan eten tot op deze zelfde dag dat u de offergave van uw God gebracht hebt. Het is een eeuwige verordening, al uw generaties door, in al uw woongebieden.

Vervolgens vertellen de verzen 15 en 16 ons tot vijftig dagen te tellen vanaf het aanbieden van de eerstelingsgarve dat werd gedaan de dag na de wekelijkse sabbat, om vervolgens een nieuw spijsoffer aan JHWH te brengen. Dit nieuwe graanoffer is het Shavuot (ook wel het Wekenfeest).

Vayikra (Lev.) 23:15-16
U moet dan vanaf de dag na de sabbat gaan tellen, vanaf de dag dat u de schoof van het beweegoffer gebracht hebt. Zeven volle weken zullen het zijn. Tot de dag na de zevende sabbat moet u vijftig dagen tellen. Dan moet u de HEERE een nieuw graanoffer aanbieden.

Deze twee verzen laten ons zien dat het beweegoffer en Shavuot altijd op de eerste dag van de week valt.

  1. .    Per definitie, de wekelijkse sabbat ‫altijd de zevende dag van de week.
  2. .    Per definitie, de dag na de wekelijkse sabbat is altijd de eerste dag van de week.
  3. .    Aangezien het beweegoffer is aangeboden de dag na de wekelijkse sabbat, wordt het beweegoffer altijd op de eerste dag van de          week gebracht.
  4. .    Vers 16 vertelt ons dat Shavuot vijftig dagen (de dag na de zevende wekelijkse sabbat), na het beweegoffer op de eerste dag van de       week, komt.
  5. .    Daarom moeten zowel het beweegoffer en Shavuot altijd op de eerste dag van de week uitkomen.

Sommige gelovigen zijn het niet eens met het idee dat het beweegoffer en Shavuot op de eerste dag van de week komen, misschien komt dat omdat de christelijke kerk lange tijd de eerste dag van de week aangewezen heeft als haar primaire rustdag. Wellicht is het om deze reden en misschien ook anderen, dat sommige gelovigen de voorkeur geven aan de rabbijnse (Hillel II) Kalender-versie van de Omertelling, die ons vertelt vanwege de verwijzing in Leviticus 23:15-16 (hierboven) de dag na de wekelijkse sabbat eigenlijk een verwijzing naar de dag na het Pascha is. Er zijn echter vele problemen met deze substitutie, waarvan hieronder vermeld.

1.       YHWH vertelt ons niet de Omer op de dag na het Pascha aan te bieden, maar de dag na de wekelijkse sabbat.
2.       Als JHWH wilde dat de Omer de dag na het Pascha werd aangeboden, ongeacht wanneer het Pascha viel, zouden de instructies voor het aanbieden van de Omer worden opgenomen in de instructies voor de eerste dag van de ongezuurde broden. Echter, de instructies voor het beweegoffer staan afzonderlijk vermeld.
3.       Als we het woord ‘Pascha’ vervangen door ‘Shabbat’ in het hele gedeelte in Leviticus 23:15-16, dan krijgen we de opdracht zeven afgeronde Pascha (dat wil zeggen, zeven hele jaren) te wachten voordat we het Shavuot aanbieden.
4.       Refererend aan vers 16 (boven), is het niet mogelijk tot vijftig dagen te tellen tot de zevende Pascha.
5.       Tot slot geeft JHWH een aantal data voor elk nieuw feest in de Schrift (bijvoorbeeld Pesach op de 14e dag van de eerste maand). Maar JHWH geeft nooit een vaste datum voor het beweegoffer, of Shavuot. Dit komt omdat ook al zijn deze feesten altijd op de eerste dag van de week; jaar na jaar de kalender data anders zijn.

Wanneer we de vijftigste dag van de Omer telling (op de eerste dag van de week) bereiken, verteld Numeri 28:26 ons om een nieuw graanoffer voor JHWH te brengen. Dit “Wekenfeest” (Shavuot) is een rustdag, en we mogen hierop geen gebruikelijk werk doen.

Bemidbar (Numeri) 28:26
Ook op de dag van de eerstelingen, als u op uw Wekenfeest de HEERE een nieuw graanoffer aanbiedt, moet u een heilige samenkomst houden; geen enkel dienstwerk mag u dan doen.

Net als bij het Pascha zijn we, als we in het Land Israël leven, verplicht het feest van Shavuot te vieren op de plaats die JHWH hiervoor kiest om Zijn naam te vieren.

Devarim (Deuteronomium) 16:9-12
Zeven weken moet u voor uzelf aftellen. U moet de zeven weken beginnen te tellen vanaf het moment dat men met de sikkel begint te oogsten in het staande koren. Daarna moet u het Wekenfeest houden voor de HEERE, uw God. Wat u geven moet, is een vrijwillige gave van uw hand, naar de mate waarin de HEERE, uw God, u zegent. En u moet u verblijden voor het aangezicht van de HEERE, uw God, u, uw zoon en uw dochter, uw slaaf en uw slavin, de Leviet die binnen uw poorten is, en de vreemdeling, de wees en de weduwe die in uw midden zijn, op de plaats die de HEERE, uw God, zal uitkiezen om Zijn Naam daar te laten wonen. En u moet gedenken dat u een slaaf geweest bent in Egypte en deze verordeningen in acht nemen en houden.

Zoals we al meerdere malen zagen is die plaats: Jerusalem (bijvoorbeeld 1 Kon. 14:21, 2 Kron. 12:13). We zagen ook dat Shaul veertien jaar lang, toen hij op zijn missionaire reizen (bijvoorbeeld Galaten 2:01) was, niet opging naar Jerusalem. Dit toont ons dat we niet verplicht zijn om de bedevaarten te maken naar Jeruzalem als we niet in het Land leven. Maar zelfs als we niet leven in het Land, is het nog steeds goed om naar Jerusalem te gaan voor de feesten, zoals de vrome gelovigen dat ook deden in de eerste eeuw.

Ma’asim (Handelingen) 2:1-2
En toen de dag van het Pinkster feest vervuld werd, waren zij allen eensgezind bijeen. En plotseling kwam er uit de hemel een geluid als van een geweldige windvlaag en dat vervulde heel het huis waar zij zaten.

Echter, dit brengt ons bij een even interessant als moeilijk punt. JHWH vervult de profetie op zijn agenda, niet de mens. Toen de gave van de Geest door JHWH werd uitgestort in Jerusalem, moesten de gelovigen in Jeruzalem zijn volgens de Thora om te ontvangen.

We hebben al gezien dat Leviticus 23:15-16 ons vertelt om te beginnen met de Omer telling op de eerste dag van de week die komt na het Pascha. We hebben ook gezien hoe het Pinksterfeest ook dient plaats te vinden op de eerste dag van de week. Maar in tegenstelling hierop vertellen zowel Josephus en Philo ons dat in de eerste eeuw het beweegoffer werd aangeboden op de dag na het Pascha.

Hier is Josephus ‘getuigenis:
The feast of Unleavened Bread succeeds that of Passover and falls on the 15th of the month and continues seven days, wherein they feed on unleavened bread, on every one of which days two bulls are killed and one ram and seven lambs. Now these lambs are entirely burnt beside the kid of the goats which is added to all the rest for sins, for it is intended as a feast for the priest on every one of these days. But on the Second Day of Unleavened Bread, which is the 16th day of the month, they first partake of the fruits of the earth, for before that day (the 16th of Aviv) they do not touch them. And while they suppose it proper to honor God [sic] from which they obtain this plentiful provision in the first place, they offer the first fruits of their barley.

[Antiquities of the Jews, iii, 10:5]

Hier is de getuigenis van Philo, die bevestigt dat in de eerste eeuw, de rabbijnse praktijk was om het beweegoffer te brengen naar het altaar de dag na het Pascha.
There is also a festival on the day of the paschal feast, which succeeds the first day, and this is named the sheaf, from what takes place on it; for the sheaf is brought to the altar as a first fruit both of the country which the nation has received for its own, and also of the whole land; so as to be an offering both for the nation separately, and also a common one for the whole race of mankind; and so that the people by it worship the living God [sic], both for themselves and for all the rest of mankind, because they have received the fertile earth for their inheritance; for in the country there is no barren soil but even all those parts which appear to be stony and rugged are surrounded with soft veins of great depth, which, by reason of their richness, are very well suited for the production of living things.

[Philo: De Specialibus Legibus 2:162]

De meeste gelovigen accepteren dat Yeshua werd gekruisigd in het midden van de week, mede op basis van het tweede testament (wat we hieronder zullen bespreken), en deels op Daniël 9:26-27, waarin ons geprofeteerd wordt dat de Messias zal worden geofferd in het midden van de week, waardoor een (tijdelijk) einde zou komen aan de offers.

Daniël 9:26-27
Na de tweeënzestig weken zal de Messias uitgeroeid worden, maar het zal niet voor Hemzelf zijn. Een volk van een vorst, een volk dat komen zal, zal de stad en het heiligdom te gronde richten. Het einde ervan zal zijn in de overstromende vloed en tot het einde toe zal er oorlog zijn, verwoestingen waartoe vast besloten is. Hij zal voor velen het verbond versterken, één week lang. Halverwege de week zal Hij slachtoffer en graanoffer doen ophouden. Over de gruwelijke vleugel zal een verwoester zijn, zelfs tot aan de voleinding, die, vast besloten, uitgegoten zal worden over de verwoeste.

Mattheus 12:40 vertelt ons dat Yeshua drie dagen en drie nachten in het graf zou zijn.

Mattityahu (Mattheus) 12:40
Want gelijk Jona drie dagen en drie nachten in de buik van het zeemonster, zo zal de Zoon des mensen drie dagen en drie nachten in het hart van de aarde.

We weten dat Yeshua was opgestaan, hetzij op de sabbat, of in de overgang van de Shabbat naar de eerste dag van de week, het zogenaamde “tussen de twee avonden”; als de sabbat eindigt en de eerste dag van de week begint). Hoe dan ook was Hij wel degelijk volledig opgestaan voor de eerste dag van de week als het beweegoffer moest worden aangeboden.

Yochanan (Johannes) 20:1
En op de eerste dag van de week ging Maria Magdalena vroeg, toen het nog donker was, naar het graf, en zij zag dat de steen van het graf afgenomen was.

Zeventien verzen later vertelt Yeshua aan Miriam zich niet vast te klampen aan Hem, omdat Hij nog moest opstijgen naar Zijn Vader om zich aan Hem te tonen. Dit was ter nakoming van de manier waarop het beweegoffer moest worden bewogen voor JHWH op de eerste dag van de week.

Yochanan (Johannes) 20:17
Jezus zei tegen haar: Houd Mij niet vast, want Ik ben nog niet opgevaren naar Mijn Vader, maar ga naar Mijn broeders en zeg tegen hen: Ik vaar op naar Mijn Vader en uw Vader, en naar Mijn Elohim en uw Elohim.

Dit alles past perfect bij de Thora kalender, waarin wordt opgeroepen dat de Messias werd gedood in het midden van de week en drie dagen en drie nachten opstond, om vervolgens op te stijgen tot Zijn Vader op de eerste dag van de week als de profetische vervulling van de eerste vruchten van gerst (de Omer).

 

1 2 3 4 5 6 7
Pass. 1ULB 2ULB 3ULB
Omer 5ULB 6ULB 7ULB 5 Om 6 Om 7 Om
8 Om 9 Om 10 11 12 13 14
15 16 17 18 19 20 21
22 23 24 25 26 27 28
29 30 31 32 33 34 35
36 37 38 39 40 41 42
43 44 45 46 47 48 49
Shavuot

 

Pass. =         Pascha in het midden van de week
3ULB =       Yeshua opgewekt op de derde dag (of aan het einde)
Omer =        Yeshua stijgt op als het beweegoffer
Shavuot =     Shavuot (altijd op de eerste dag van de week)

Yeshua was niet alleen opgestaan ‘op de derde dag’, maar dat Hij is opgestaan op de derde dag van de ongezuurde broden.

Laten we eens enkele van de vele parallellen bekijken tussen Shavuot dat plaatsvond in de woestijn van Sinaï, en de Shavuot in Handelingen hoofdstuk 2. Volgens de traditie gaf, vijftig dagen nadat Israël de Rietzee (Rode zee) was overgestoken, JHWH de Thora aan Israël. Parallel daaraan, vijftig dagen na de opstanding van Yeshua, stortte JHWH de gave van de Ruach haKodesh (de apart gezette Geest) uit.

Op Shavuot werden in de Sinaï de Tien Geboden geschreven op twee stenen tafelen. Op Shavuot in Handelingen hoofdstuk twee, schreef JHWH Zijn Thora op de tafelen van ons hart, door Zijn Geest.

Bij de Tien Geboden die werden gegeven op de berg Sinaï werden drie duizend man gedood (Exodus 32:28). Toen de Ruach haKodesh werd uitgestort in Handelingen hoofdstuk twee kwamen ongeveer drie duizend mannen tot geloof en ontvingen redding.

Ma’asim (Handelingen) 02:41
Zij nu die zijn woord met vreugde aannamen, werden gedoopt; en ongeveer drieduizend zielen werden er op die dag aan hen toegevoegd.

Terwijl het Pascha symbool stond voor onze verlossing van fysieke slavernij in Egypte, staat Shavuot symbool voor onze geestelijke verlossing en vernieuwing in Yeshua.

Er zijn vele verzen die ons vertellen dat Yeshua de Eerste Vrucht is. In 1 Korintiërs 15:20 wordt ons vertelt dat Yeshua de eerste vrucht is van al diegenen die zijn overleden.

Qorintim Aleph (1 Kor.) 15:20
Maar nu, Messias ís opgewekt uit de doden en is de Eersteling geworden van hen die ontslapen zijn.

Yeshua was de eerstgeborene van Miriam (Maria).

Mattityahu (Mattheus) 1:24-25
Toen Jozef uit de slaap ontwaakt was, deed hij zoals de engel van de Heere hem bevolen had, en hij nam zijn vrouw bij zich; en hij had geen gemeenschap met haar totdat zij haar eerstgeboren Zoon gebaard had; en hij gaf Hem de naam Yeshua.

Yeshua ook de eerstgeborene van JHWH de Vader.

Ivrim (Hebreeën) 1:6
En wanneer Hij vervolgens de Eerstgeborene in de wereld brengt, zegt Hij: En laten alle engelen van God Hem aanbidden.

Yeshua was ook de eerste die opstond uit de dood.

Hitgalut (Openbaring) 1:5
en van Yeshua Mashiach, Die de getrouwe Getuige is, de Eerstgeborene uit de doden en de Vorst van de koningen der aarde, Hem Die ons heeft liefgehad en ons van onze zonden gewassen heeft in Zijn bloed,

Als de eerstgeborene van de doden, is Yeshua ook de eerstgeborene van vele broeders.

Romim (Romeinen) 08:29
Want hen die Hij van tevoren gekend heeft, heeft Hij er ook van tevoren toe bestemd om aan het beeld van Zijn Zoon gelijkvormig te zijn, opdat Hij de Eerstgeborene zou zijn onder vele broeders.

De Schrift vertelt ons ook dat Yeshua de eerste vrucht is van degenen die worden opgewekt tot het eeuwige leven.

Qorintim Aleph (1 Kor.) 15:20-23
Maar nu, Christus ís opgewekt uit de doden en is de Eersteling geworden van hen die ontslapen zijn. Want omdat de dood er is door een mens, is ook de opstanding van de doden er door een Mens. Want zoals allen in Adam sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden. Ieder echter in zijn eigen orde: Christus als Eersteling, daarna wie van Christus zijn, bij Zijn komst.

 

Zeker: Yeshua was de eerste vrucht van al deze dingen op de Thoraagenda van Zijn Vader JHWH.